
Revalidatie & oefentherapie
12-16 weken doelgerichte revalidatie onder leiding van een Hip Coach. Krachttraining, bewegingscontrole en activiteitsmanagement.
- •Persoonlijk oefenprogramma
- •Begeleiding via HipCloud-app
- •Evaluatiemoment elke 2-3 maanden
Onze filosofie bij heuppijn: eerst niet opereren wanneer dat kan, spiersparend opereren wanneer dat moet.

12-16 weken doelgerichte revalidatie onder leiding van een Hip Coach. Krachttraining, bewegingscontrole en activiteitsmanagement.

EDA-heupprothese (totale heupprothese), artroscopisch labrumherstel of PAO bij dysplasie. Steeds zo minimaal-invasief mogelijk, met techniekkeuze afgestemd op uw aandoening.
Een overzicht van de specifieke heelkundige procedures die wij uitvoeren, van minimaal-invasieve artroscopie tot peri-acetabulaire osteotomie en heupprothese.
Een totale heupprothese is een operatie waarbij het pijnlijke en stroeve heupgewricht (artrose) wordt vervangen door een implantaat. Het doel van deze operatie is de pijn verlichten en de mobiliteit te verbeteren.
Bij een resurfacing prothese (RSP) wordt enkel het oppervlak van de heupkop en de heupkom vervangen, terwijl de eigen femurkop en femurhals grotendeels bewaard blijven. Het is een botsparend alternatief voor de totale heupprothese bij geselecteerde, jonge en actieve patiënten en wordt daarom ook 'sportheup' genoemd.
Een heupprothese bestaat uit 4 componenten: een buitenkant van het kommetje, een binnenkant van het kommetje, een bol en een steel. De onderdelen die in het bot vastzitten (kommetje en steel) kunnen na verloop van tijd loslaten. Dit kan pijn veroorzaken in de heup of in het bovenbeen bij steunname o
Na het plaatsen van een totale heupprothese kan men soms blijvende liespijn ervaren. Dit kan komen door een mechanisch contact tussen de iliopsoas (heupbuiger) spier en het kommetje van de prothese. Vroeger moest men dan een revisie uitvoeren van het kommetje. Nu gebruiken we een techniek waarbij he
In het geval van een femoro-acetabulair impingement, en/of een labrumscheur, kan een artroscopie uitgevoerd worden. Dit indien oefentherapie onvoldoende beterschap geeft. Een artroscopie (kijkoperatie) is een operatie waarbij het gescheurde labrum gehecht wordt en/of de inklemming tussen de heupbol
Een peri-acetabulaire osteotomie (PAO) is een operatie die uitgevoerd kan worden bij mensen met een heupdysplasie.
Het heupgewricht is omkapseld door het gewrichtskapsel. Na chirurgie van het kapsel (bvb bij een artroscopie), of na trauma, kan het kapsel gescheurd zijn. Een kapsuloplastie is een operatie waarbij het gewrichtskapsel gehecht wordt zodat het kapsel anatomisch hersteld wordt.
Een PLAC herstel een operatie waarbij de scheur in de adductoren (PLAC laesie), die ook kan doortrekken naar de buikspieren, hersteld wordt. Er zijn verschillende types van een PLAC letsel, afhankelijk van hoe uitgebreid de scheur in de adductoren is en in hoeverre deze scheur doortrekt naar de buik
In het geval van een scheur van de hamstrings kan een hamstring herstel uitgevoerd worden.
In het geval van een scheur van de rectus femoris (onderdeel van de quadriceps/bovenbeenspier) kan een rectus femoris reïnsertie uitgevoerd worden.
In het geval van een scheur van de gluteus medius (zijwaartse bilspier, zie afbeelding rechts) kan een gluteus medius reïnsertie uitgevoerd worden.
In het geval van een uitgebreide scheur van de gluteus medius (zijwaartse bilspier) en een kale trochanter major (zijkant bovenbeen) kan een gluteus maximus transfer uitgevoerd worden. Dit zien we soms bij mensen die geopereerd zijn aan de zijkant van de heup. De zijwaartse bilspieren verminderen da
Na het plaatsen van een heupprothese kan er soms een mechanische botsing ontstaan tussen de bekkenkam en trochanter major (zijkant van het bovenbeen). Met deze operatie wordt een klein deel van de trochanter major weggenomen zodat er geen mechanische botsing meer plaatsvindt bij diepe plooibeweginge
Na het plaatsen van een heupprothese kan er soms een ‘heterotope ossificatie‘ (HO) ontstaan. Dit is een verkalking tussen de spieren. Dit geeft pijn en kan een mechanische beperking geven bij diepe (plooi)bewegingen van de heup.
Wanneer men eerder een operatie heeft ondergaan, kan er nog osteosynthesemateriaal, zoals schroefjes, een nagel, …, aanwezig zijn. Dit bijvoorbeeld na een PAO of een relatieve verlenging van de femurnek. Soms geven deze schroefjes of nagel last. Dan kan dit materiaal uitgehaald worden.
Bij sommige patiënten, vaak na de ziekte van Legg-Calvé-Perthes, ligt het buitendeel van het bovenbeen (de trochanter major) te hoog ten opzichte van de heupkop. Hierdoor hebben de heupspieren een te kleine hefboom en is de belasting op het heupgewricht niet optimaal. Een relatieve verlenging van de femurnek herstelt de biomechanica van de heup.
Bij een totale heupprothese maakt de chirurgische benadering een groot verschil voor herstel en functie. EHC past de spiersparende EDA-techniek (Extended Direct Anterior) toe binnen het One-Day-Hip-protocol.
| Aspect | EDA (spiersparend) | Klassieke benadering |
|---|---|---|
| Toegangsweg | Tussen de spieren door, zonder spieren door te snijden. | Via lateraal of posterieur, met loslating of incisie van spieren. |
| Spierschade | Geen doorsnijding van bilspieren of heupabductoren. | Spieren worden losgemaakt of doorgesneden, herstel nodig. |
| Opnameduur | Vaak zelfde dag naar huis (One-Day-Hip). | Doorgaans 2 tot 4 dagen hospitalisatie. |
| Hersteltijd | Lichte activiteiten binnen 2 weken, sport opbouwen vanaf 6 tot 12 weken. | Lichte activiteiten na 4 tot 6 weken, sport pas na 3 maanden of later. |
| Bewegingsbeperkingen | Geen specifieke houdingsverboden na herstel. | Tijdelijke houdingsverboden om luxatie te vermijden. |
| Luxatierisico | Laag dankzij behoud van spierbalans. | Iets hoger, vooral in de eerste maanden. |